Recursieve formules vouwen bij wiskunde A en C

Gebaseerd op het boek van Thomas Hull, #

  • Geef alle leerlingen een strip van ca. 30*2 cm (dus een strookje van A4 papier)
  • Zet op alle stroken een rode lijn (zie afbeeldingen hieronder), maar wel op verschillende plaatsen.
  • Zie de vouwinstructies hieronder.
  • NB: geef de leerlingen twee strips en laat ze de vouwopdracht twee keer uitvoeren: één keer om het vouwen onder de knie te krijgen en één keer om tijdens het vouwen te kunnen reflecteren op “wat er gebeurt”.

Leerdoel: opstellen van een recursieve (woord)formule op basis van een concrete, tastbare vouwopdracht.

1.Pak een strip met een rode lijn

2.Vergelijk of jouw rode lijn op dezelfde plaats zit als die van je buren

3.Vouw de zijkant van de strip naar de rode lijn, vouw (1), vouw open

4.Vouw de andere kant van de strip naar de nieuwe vouwlijn, vouw (2), vouw open

5.“Zig-zag” zo steeds door naar de nieuwe vouwlijn..

En dit is wat er gebeurt:

Formule in woorden: “het is steeds de strip, minus het laatst gevouwen deel, gedeeld door twee”

Ofwel: